| Erg ontroerd zijn. Geëmotioneerd | |
Iets te snel en daardoor slordig doen. | | | Een gedichten maken. | |
| Plotseling en hevig beginnen. Bv. een applaus of een regenbui. | |
| Ervoor zorgen dat mensen iets te weten komen. Meedelen. | |
| Iets in bedwang houden. | |
| Er niet zijn. | |
Iets organiseren en bekendmaken dat het zal gaan gebeuren. Bv. een wedstrijd. |
|
| Iemands gevoel raken met iets heel moois of heel verdrietigs. | |
| Een kind dat op school zit. | de |
| Een vrouw die een programma leidt op tv of in een zaal met mensen. | de |
Een ruimte voor het opnemen van films, muziek, radio- of televisie-programma's. | de |
| De beslissende wedstrijd. | de |
| Een soort vaas van metaal, die je als prijs kunt winnen bij een wedstrijd. | de |
Middelen om informatie door te geven: kranten, tijdschriften, tv, radio, internet. | de |