| Een soort pluimpje aan een graanstengel, waar de graankorrels in zitten. | de |
| Een dik stuk aan een maïsstengel, waar de maïskorrels in zitten. | de |
| Een groep mensen met een bepaalde taak. | de |
| Een stel vruchten of bloemen aan één steel. | de |
| Een rond struikje sla. | de |
| Het vuil maken of vuil zijn. | de |
| Behoorlijk goed. | |
| Tegen iets vechten of iets ertegen doen. | |
| Iets schoonmaken. | |
| Als iets schade veroorzaakt. | |
| Langs een langere weg leiden. | |
| Iets neergooien of storten om ervanaf te zijn. Te goedkoop verkopen. | |
| Overal te koop zijn. | |
| Ergens op letten om te zien of het goed gaat. | |
| Het met iets moeten doen. Geen andere mogelijkheid hebben dan deze. | |
|