| luiden | Als de klok , kom ik uit bed. |
| luiden | Vroeger men de klok als er brand was. |
| aankleden | Toen ik vorige week uitging, ik mij netjes aan. |
| zwemmen | bereikte Piet de overkant. |
| aanraden | Hij mij aan om het niet te doen. |
| aanraden | Gisteren hij mij aan om mee te doen. |
| besnuffelen | Mijn hond iedereen. |
| uitbroeden | De kip vier eieren uit. |
| bebroeden | De eieren kun je niet eten. |
| houden - aanbranden | Ik niet van aardappelen. |