| Goed naar iets luisteren en het onthouden. | |
Maken. We een kringetje. | |
| Jammer. | |
Als je iets loopt, loop je ernaast. | |
| Dingen die niet meer nodig zijn. Je gooit ze weg. | het |
Een staafje waarmee je kunt schrijven of kleuren op een schoolbord of op de stoep. | het | | Een klas in een school, een ruimte in een school | het |
Een is een kleurpen met een zachte punt. | de |
| Een stok met een scherpe punt eraan. Ridders vochten met lansen. | de |
| Een pen waarmee je met inkt schrift. | de |
|