| bes | Ik kocht een doosje met blauwe . |
| koolmees | In het vogelhuisje zitten een paar . |
| gymles | De gaan morgen niet door. |
| ik lees | We nu een boek over de Eerste Wereldoorlog. |
| kas | De in het Westland zijn erg bekend. |
| kaas | De kaashandelaar verkocht ruim driehonderd per dag. |
| haas | In de polder zie je de laatste tijd veel . |
| jas | De hangen allemaal in de gang. |
| ik mis | Wij drie puzzelstukjes, zoek jij even mee? |
| tas | Die horen niet in de kamer, berg ze maar even op. |
| ik kies | Wij een leuke kleur voor mijn slaapkamerdeur. |
| vis | Wat zijn dat voor een soort in je aquarium? |
| advies | De juf geeft volgende maand de . |
| bus | Deze stoppen niet bij het station. |
| vaas | Tijdens de verhuizing zijn er drie gebroken. |