| uitvoeren | De opdracht werd direct uitgevoerd. |
| verkopen | We hebben de oude stoelen . |
| ontsnappen | De hamster is uit zijn kooi . |
| beleven | We hebben een spannend avontuur . |
| gebeuren | Wat is daar ? |
| behandelen | De patiënt werd in het ziekenhuis . |
| behalen | Hij heeft bij judo de groene band . |
| overkomen | Mijn broer is uit Engeland . |
| vermijden | Je hebt de zwakke plekken in het ijs . |
| besteden | Heb je genoeg aandacht aan je werk ? |
| verslinden | De tijger heeft zijn prooi . |