| Water dat gebruikt is in huizen of fabrieken en weggespoeld is. | het |
| Water dat schoon genoeg is om te drinken. | het |
| Water dat in de bodem zit, dus onder de grond. | het |
De hoogte van het water, bijvoorbeeld in een rivier. | het | Een kleine hoeveelheid van iets om te onderzoeken. De dokter neemt een van het bloed. | het |
| De modder op de bodem van een meer of rivier. | de |
Zonder rimpels. Er stond geen wind, het water was . | |
| Iets is niet wat het lijkt. | |
| Vuilmaken. Die fabriek vervuilt het water. | |
| Schoonmaken. Drinkwater is gezuiverd water. | |
|