| Elkaar heel erg uitschelden en kwetsen. | elkaar beledigingen naar het hoofd slingeren |
| Heel hard huilen met veel tranen. | |
Je weet het echt niet meer, je bent wanhopig. | | | Aanvallend; bozig. | |
| Een beetje overdreven aardig of gezellig. | |
| Excuses aanbieden; sorry zeggen. | |
| Kort je hoofd op en neer bewegen waarmee je 'ja' bedoelt. | de |
| De onderlip steekt naar voren. Alsof je bijna gaat huilen. | de |
| Boosheid die er plotseling uit komt. | de |
| Met je handen doen alsof je iets van je af slaat. | het |