| betrouwbaar | De machine is heel . |
| de getuige | De gaf een duidelijke omschrijving van wat er gebeurd was. |
| de kerriesoep | Mijn oma eet regelmatig . |
| de feiten | De liegen er niet om, je kunt dit niet ontkennen. |
| merkwaardig | Dit is heel , ik begrijp het ook nog niet helemaal. |
| de dierentuin | In de is een nijlpaardje geboren. |
| de medewerker | De van het metaalbedrijf hielp ons prima. |
| de gezinnen | De drie gaan samen op reis naar de Zwitserse bergen. |
| de ontploffing | De was gelukkig niet al te groot. |
| de tijger | De liep rusteloos heen en weer. |
| minuten | Het duurde twee voordat hij weer boven water kwam. |
| de menigte | De stond op het grote plein te kijken naar de voorstelling . |
| vergissing | Hij maakte een , maar de fout is al hersteld. |
| zevende | De gaan we verhuizen naar Maastricht . |
| interessant | Het is een probleem, nu de oplossing nog. |