Spelling - groep 5 nummer 418

  
..Spelling..

Wat is de persoonsvorm in de volgende zinnen?
Zij rent met haar broertje door het parkje. ..
Gisteren speelde ik een spelletje "Mens erger je niet" met haar.
Achter deze deur zit de trap naar de zolder.
Hij won de schaakpartij binnen een kwartiertje.
Hij fietste samen met Astrid naar school.


Wat is het bijvoeglijk naamwoord in de volgende zinnen?
Dit fotoalbum bevat prachtige foto's..
Ik schrijf altijd met een groene vulpen.
Ik maak samen met mijn vader een geweldige kanotocht.
De afvalzak scheurde open door het enorme gewicht.
Wij verkopen heerlijke limonade op Koningsdag.


Wat is het zelfstandig naamwoord in de volgende zinnen?
Ik lees een leuk prentenboek voor...
Zij zag hier gisteren drie hazen lopen.
Sloop hij langs de oude schuur naar binnen?
Heb jij dit grappige verhaal zelf verzonnen?
Wij hebben de hoofdprijs gewonnen.